Bestellen 'Boek 75 jaar droog' (2de druk!)

Boek Voorkant

Nieuwsbrief augustus

nieuwsbrief

Zoeken

Kies uw taal

22 - Landbouw en voedselvoorziening: mechanisatie en agricultuur

De inpoldering van de Noordoostpolder leidde tot nieuw land dat hoofdzakelijk bedoeld was als land- en tuinbouwgebied. Het werd een polder met moderne agrarische bedrijven. Deze bedrijven produceerden voedsel en vormden de basis voor werkgelegenheid op de bedrijven zelf en in aanverwante bedrijven.

Voedselvoorziening 

Na de oorlog werd het platteland zo goed mogelijk ingericht voor het produceren van voedsel. In tegenstelling tot vandaag de dag was de zelfvoorzieningsgraad (het produceren van voedsel voor de eigen bevolking) van honderd procent namelijk nog niet bereikt. De Noordoostpolder werd, mede vanwege de vruchtbare grond en de gunstige pachtsituatie, de moderne bedrijfsstructuur, de goede infrastructuur én het soepel werkende drieluik van Onderzoek, Voorlichting en Onderwijs, algemeen gezien als hét ideale landbouwgebied.

Mechanisatie

De werkzaamheden op de boerderijen werden aanvankelijk voor een belangrijk deel nog met mankracht en paardenkracht verricht.   

 Haveroogst, Noordoostpolder, 1952.

Tijdens de oorlog werden zelfs nog even ossen ingeschakeld. De sector ontwikkelde zich snel. Schaalvergroting, mechanisatie en specialisatie waren het gevolg. De bedrijven werden voor een deel al spoedig na de uitgifte te klein (zie ook vensters 11 en 23).


Film: Maaiwedstrijden van de Oude Trekker en Motoren Vereniging op Schokland, op 12-06-2010.

Ontwikkeling nieuwe teelten

In de jaren zeventig en tachtig voltrok zich in de Noordoostpolder een andere ingrijpende ontwikkeling in de land- en tuinbouw: de ontmenging. Domeinen liet de graslandverplichting los (de verplichting aan pachters om een deel van de grond als grasland te houden vanwege de positieve invloed op de kwaliteit van de grond). Voor veel boeren was dat een reden om volledig over te stappen naar de akkerbouw. Soms omdat ze van nature geen veeboer waren, soms omdat de hogere rendementen van, vooral, bloembollen lonkten.
 
Bloembollenvelden bij Creil.

De bloembollenteelt heeft zich in de Noordoostpolder sterk ontwikkeld. De kwaliteit van de grond en het relatief milde klimaat aan het IJsselmeer lenen zich bij uitstek voor de teelt van met name tulpen, lelies en gladiolen. De grote oppervlakte aan tulpen biedt elk voorjaar een kleurenpracht. De Noordoostpolder kent in die periode het Tulpenfestival, dat veel mensen uit heel Nederland trekt. Zij rijden tijdens dit evenement de Bloembollenroute.


Film: De bollenroute, 26 april 2009.

In de jaren zestig startten diverse akkerbouwers met fruitteelt. Deze teelt is voor een groot deel weer verdwenen, mede omdat vanuit heel de wereld relatief goedkoop fruit wordt ingevoerd. De glastuinbouwsector heeft zich geleidelijk aan ontwikkeld en geconcentreerd bij Ens, Marknesse en Luttelgeest. De hedendaagse glastuinbouwgebieden bestaan uit moderne, grootschalige en kapitaalsintensieve bedrijven. Ze ontwikkelen zich ook steeds meer als ondernemingen die zelf energie produceren (bijvoorbeeld via warmtekrachtkoppelings-installaties) en het ‘energieoverschot’  tegen de marktprijs terug leveren aan de energiebedrijven.

  Kassen met buisleiding uit sloot. Voorgrond links: bloemkool, waarvan een gedeelte is geoogst. Op de achtergrond de Drietorensweg, 1959.

 'De geplukte tomaat gaat in de kar'.

De vollegrondsgroentesector concentreerde zich in het begin op specifieke bedrijven rond Ens, Marknesse en Luttelgeest. In de loop van de tijd is de teelt grootschaliger geworden en verplaatst naar akkerbouwbedrijven. Het oorspronkelijke areaal graan, bieten en aardappelen is ten dele vervangen door meer uien, witlof en peen.

   Emmeloord moet de aardappelhoofdstad van de wereld worden.

 
Boxen in de schouwburgzaal van 't Voorhuys' tijdens de beursdag, 1954.
 
De pilaar onder veel akkerbouwbedrijven is de teelt van pootgoed, dat naar landen over heel de wereld wordt geëxporteerd. Het kweken van nieuwe rassen en de vermeerdering daarvan vormen de basis. In de polder gevestigde aardappelhandelshuizen hebben met eigen en vrij verhandelbare rassen een wereldwijd afzetnetwerk opgebouwd. Emmeloord wordt mede daardoor ook wel World Potato City genoemd. De vijfjaarlijkse aardappelmanifestatie in Emmeloord trekt mensen uit heel de wereld naar de Noordoostpolder.
 
Opening Aardappelseizoen 1991. Aardappelboeren testen nauwkeurig tien verschillende soorten aardappelen w.o. bintjes, berbers, priors, bildstars e.d..

Veehouderij

De melkveehouderijen en gemengde bedrijven werden gesticht op de gronden van mindere kwaliteit, veelal aan de randen van de polder. Veel gemengde bedrijven kozen eind jaren zeventig na het verdwijnen van de graslandverplichting voor alleen akkerbouw. Het laatste decennium zien we de vestiging van enkele vanwege stadsuitbreiding elders uitgekochte grootschalige melkveehouderijen. Ook hebben zich enkele varkensbedrijven gevestigd.

Verbreding

Veel agrarische bedrijven hebben hun activiteiten verbreed in de richting van windmolens, recreatieve en toeristische activiteiten, zorg en educatie. Dit geeft het buitengebied van de Noordoostpolder een meer divers karakter en veel gevarieerder aanzicht.

Uitbreiding windmolenpark aan de Westermeerdijk bij Espel, 1991.

Organisaties

Onder de eerste (toekomstige) pachters was de behoefte zich te organiseren. Op 5 augustus 1945 werden op verschillende plaatsen drie landbouworganisaties opgericht. De Aartsdiocesane R.K. Boeren- en Tuinders Bond (ABTB), de Christelijke Boeren- en Tuindersbond (CBTB) en de Overijsselse Landbouwmaatschappij (OLM), later Landbouwmaatschappij IJsselmeerpolders (LMIJ). Zij behartigden de belangen van de boeren en tuinders in de Noordoostpolder op vele private en publieke terreinen. In 1995 gingen de drie organisaties op in de Fries-Flevolandse Land- en Tuinbouworganisatie (FLTO). Thans kennen we LTO-Noord als belangenbehartigende land- en tuinbouworganisatie. 

In het kielzog van de boeren vestigde zich een breed scala aan faciliterende bedrijven en instellingen. Voorbeelden daarvan zijn het Landbouwboekhoudbureau (nu Countus), aan- en verkoopverenigingen, verzekeringsbedrijven, banken, scholen en de Vereniging voor Bedrijfsvoorlichting. Inmiddels zijn veel van deze bedrijven onderdeel geworden van grotere ook buiten de polder opererende bedrijven en instellingen. Een aantal heeft in de Noordoostpolder zijn hoofdvestiging zoals De Nederlandse Aardappelkeuringsdienst (NAK) en het coöperatieve aardappelhandelsbedrijf Agrico.

Handel

De handel vond voor een belangrijk deel plaats op de elke donderdag in Emmeloord gehouden beurs. Jarenlang ontmoetten boeren en handel elkaar daar voor de aan- en verkoop van onder meer granen, stro, aardappelen en uien. De beurs als handels- en ontmoetingsplaats werd in de loop der jaren van minder belang. Het belang van de beurs voor de prijsvorming van veel producten is echter nog steeds groot en is ook nu nog, voor kopers en verkopers, een vertrekpunt bij de onderhandelingen om te komen tot een goede prijs voor de agrarische producten.

Het oogsten van tarwe op een perceel langs de Zuidwesterringweg in de Noordoostpolder, 2011.

Het grootschalig be- en verwerken van agrarische producten heeft onvoldoende basis in de Noordoostpolder gevonden. Melk- en suikerbietenfabrieken werden er bijvoorbeeld niet gevestigd. De economische basis was daarvoor te klein. Met als gevolg dat veel producten naar bedrijven buiten de poldergrenzen worden gebracht.

Toekomst 

De hedendaagse land- en tuinbouw staat voor nieuwe opgaven, waarbij duurzaamheid en innovatie belangrijke begrippen zijn. De Noordoostpolder is nog steeds een vooraanstaand landbouwgebied en loopt in veel ontwikkelingen voorop.

Precisielandbouw met computers en GPS (Global Positioning System) domineren nu de bedrijfsvoering.

Zeker bij de ook steeds groter wordende agrarische loonbedrijven. De perspectieven van de landbouw zijn relatief gunstig, vooral door de groei van de wereldbevolking en de toename van de vraag naar voedsel in grote opkomende economieën als China en India. De land- en tuinbouw zal ook in de toekomst een belangrijke bijdrage leveren aan de economische ontwikkeling van de Noordoostpolder.